Home Weblog Syrië Sucks

Syrië Sucks

 

Anderhalve week als toerist verkleed door het voor buitenlandse media gesloten Syrië. Dat viel niet mee.  Het begin van een serie verhalen over hoe ik het land in opstand beleefde.

Kofferbak open, dashboardkastje ook. De Syrische militair, strak camouflagepak en AK-pistoolmitrailleur op enkelschots, slaat geen ruimte in de auto over. Dus het is aanschuiven voor de poort van Damascus. Tweehonderd kilometer oostelijker had een vermoeide, natgeregende soldaat met een bedoeïenensjaal om al gewaarschuwd: 'Irakezen steken de grens over om in Syrië te vechten.' Hij wist het zeker: het gaat om extremisten van Al-Qaida en ander tuig. Al pratend bood hij koffie aan, geschonken uit een koperen kan: een gebaar dat hij en de regering en níet die terroristen de Arabische gastvrijheid en beschaving vertegenwoordigen.

 

In een krant die hij toonde staan de bekentenissen van gevangen demonstranten uit de belegerde zuidelijke stad Dera'a. Op foto's staan drie angstig kijkende mannen. Ze staken het partijgebouw van de regerende Baath-partij in brand. 'Daarvoor kregen ze geld van sjeiks uit Saoedi-Arabië en Koeweit.'
Wie de waarheid zoekt, heeft bij een rondreis door Syrië een bereklus. Geruchten strijden om voorrang. Een vrouw die al anderhalf jaar in Syrië woont, meent dat de beschuldigingen van een buitenlands complot moeten camoufleren wie écht verantwoordelijk is voor de verschrikkingen van de anderhalve maand durende opstand. Naar schatting zijn zo'n 500 mensen omgekomen. Een geestelijke die hier al lang woont, verzekert daarentegen dat er meer leden van de veiligheidsdiensten zijn omgekomen dan demonstranten. Bovendien was het de regering die enkele weken geleden als teken van goede wil de decennialange staat van beleg ophief.

Eén constatering lijkt juist: ook in Syrië is de Arabische lente aangebroken, maar echt vlotten wil het niet. De zuidelijke stad Dera'a, die zich als eerste had bevrijd, lijkt weer ingenomen. Het hoofdkwartier van de opstandelingen, de lokale moskee, is heroverd. 'Hun roep om vrijheid en democratie is gesmoord', zegt een student rechten, die me rondrijdt. Tevergeefs zoeken we demonstranten in de omgeving van het station; daar zou een samenkomst zijn. Maar we worden tegengehouden door dranghekken. Voor de student is het duidelijk: zeker 75 procent van de bevolking is tegen de regering. '25 procent is voor, maar die hebben de wapens.'

Dus het zijn stenen tegen tanks. En kreten tegen knuppels. Omrijden heeft geen zin, want op alle belangrijke kruispunten staan politiemannen.  Rond pleinen en voor regeringsgebouwen hangen mannen rond die verveeld zwaaien met lange, zwarte knuppels. Deze dag laat de binnenlandse oppositie van zich horen via het internet. Het pamflet Initiatief voor verandering, ondertekend door 150 activisten en politici, eist een nieuwe grondwet en de eerste democratische verkiezingen die het land ooit heeft gekend. De huidige president Bashar al-Assad moet plaats maken voor de huidige minister van Defensie Alib Habib. Zonder steun van de militairen lukt de omwenteling nooit, is de les uit Egypte en Tunesië. Wel moeten de meedogenloze geheime diensten en het corrupte juridische apparaat op de schop, ook dat is een les uit de eerdere revoluties.  Voorlopig ziet de student ziet alleen maar een verslechtering van de situatie. Te beginnen met al die wegversperringen: 'Als je niet op tijd stopt, schieten ze je dood.' Twee dorpsgenoten van hem is het overkomen.

De controle is inderdaad enorm. Omdat de nieuwe technologie ook hier zijn intrede heeft gedaan, geldt voor iedereen de waarschuwing: zet geen belastende foto's op je telefoon of informatie op je laptop. Het beste kun je met een lege batterij reizen. 'Opladen vinden ze te veel werk.'  En inderdaad. De militair schuift zijn geweer opzij, steekt zijn hoofd door het portierraam en knikt vriendelijk. 'Welkom.' Hij wuift ons door.

Het verhaal Syrische lente wil maar niet vlotten schreef ik voor De Pers. Omdat ik incognito was, Syrië laat geen buitenlandse media toe, en de speurhonden aldaar op een dwaalspoor te zetten, ondertekende ik mijn eerste artikel met 'Van onze verslaggeefster.' De foto is eveneens misleidend want die nam ik in het oosten van Syrië, langs de weg naar die andere brandhaard, Bagdad.

 

 

 
Labels: Midden-Oosten

4 Reacties

  1. Wel Guido, het artikel werd geplaatst in De Pers toen ik nog in Syrië zat. Inmiddels heb ik het land verlaten. Vandaar. Het kan nu geen kwaad meer.
  2. Tja, alleen zien ze je straks al van verre aankomen, of niet? ;-)
  3. Maar Arnold, kun jij nog wel slapen na al die gevaarlijke reizen die je maakt? Krijg je er geen nare dromen van? Waarom ga je niet gewoon naar Spanje of Portugal? Daar is het ook meestal mooi weer en de mensen veel vriendelijker.
  4. Mevrouw Boomsma, Op basis van wat trekt u deze oppervlakkige en uitermate nederige conclusie dat het portugese of spaanse volk vriendelijker zou zijn dan het syrische, of laten we zeggen, arabische volk???? En blijkbaar snap je de bedoeling van deze tripjes die meneer Karskens maakt niet, want hij is daar voor alles behalve vakantie. Meneer Karskens doet geweldig werk als oorlogsverslaggever en gaat daar niet heen voor de luxe en vrijetijdsbesteding!

Plaats een reactie



Klik voor een nieuw plaatje

Nieuwsbrief







Laatste artikelen