Home Weblog Such is Live in Tripoli

Such is Live in Tripoli

 

Bommen exploderen in de Libische hoofdstad. En ze raken doel. Op het einde van de pier van de marinehaven Abu Setta liggen de rokende resten van een aantal loodsen. Buiten staan uitgebrande militaire voertuigen, waaronder een Russische BM-21-raketwerper, een Multi Rocket Launcher, die het regime-Gaddafi inzet in de strijd tegen de rebellen. Binnen in de hangars branden vier mobiele raketlanceerinstallaties na. Pal daarnaast gaapt een twee meter diepe krater, de plek waar naar alle waarschijnlijkheid een kruisraket explodeerde.  De knal sloeg het dak eraf.  Verderop liggen onder groen zeil projectielen die volgens medewerkers van het ministerie van Buitenlandse Zaken 'oefenraketten' zijn. In de loods ernaast liggen verbrande verfblikken en geblakerde resten van dieselmotoren.
Bij het bombardement dat uit drie inslagen bestond en dat maandagavond om 22.00 uur plaatsvond zijn geen doden gevallen, meldt Mohamed Ali, die zich als woordvoerder opwerpt. De man in traditionele Libische klederdracht klinkt verbolgen. Want de aanval maakte volgens hem deel uit van een westers vooropgezet doel. 'Ons land is altijd voor een Arabische eenheid en ligt strategisch tussen Europa en de rest van Afrika. Ze willen Libië.' Met 'ze' bedoelt hij de westerse landen, met name de Verenigde Staten, Frankrijk en Groot-Brittannië, die onder de naam Odyssey Dawn de door de VN-Veiligheidsraad goedgekeurde no-flyzone afdwingen.
Iedere avond voor middernacht raast een aanvalsgolf over de westelijke kuststeden, waarbij havens, vliegvelden en militaire doelen worden gebombardeerd. Ook deze haven kan meer klappen verwachten: hier liggen Libische marineschepen aangemeerd. Het sporadische afweergeschut dat nog operationeel is rond Tripoli kan dat niet verhinderen. Zo is het militaire complex Bab al-Azizya in Tripoli, tevens de residentie van kolonel Gaddafi, al diverse nachten een doelwit. Toch hebben mensen op de verkeersrotonde ervoor tenten opgezet om in te overnachten. Ook in het complex zijn nog mensen: sympathisanten van de kolonel die als levend schild de wacht houden. Een van hen is Mohammed Saleh, een dertiger. Hij zag een bom inslaan op een commandocentrum. 'Het was na middernacht. Zo'n vijfhonderd mensen stonden, anderen zongen en dansten. We hoorden inslagen veraf. Toen we de hemel afspeurden om te kijken of iets ons kon treffen, volgde een zware explosie een paar honderd meter verder. Ik zag een groot vuur en rook opstijgen. Iedereen was even in shock. Daarna renden we erheen. We zagen mensen bedekt met stof en gruis en trokken hen uit de brokstukken.' Volgens Saleh vielen er geen ernstige slachtoffers bij deze aanval.
Libische regeringwoordvoerders schatten er sinds het begin van de operatie bijna honderd doden zijn gevallen. Saleh vond zijn ervaring beangstigend, maar blijft gaan. 'De militaire instellingen zijn gebouwd om ons burgers te beschermen. Nu proberen wij de gebouwen en onze leider te beschermen met onze aanwezigheid.'

De ongemakken die iedere oorlog met zich meebrengt is inmiddels goed doorgedrongen. Een rij voor de broodwinkel. Een rij voor de omruil van gasflessen voor het fornuis. Een rij voor het benzinestation. De inwoners van Tripoli zijn het duidelijk niet gewend. 'De agressie van buiten maakt ons leven zwaar', zegt een vader die zijn zoon naar school brengt in de zuid-oostelijke wijk Sarag.  Daar staat trouwens geen rij. De school telt normaliter 350 leerlingen. 'Nu zijn er misschien vijftig.' De wijk kreeg enkele bominslagen te verwerken, dus de schrik zit er goed in. 'Mensen zijn bang om hun kinderen naar school te sturen.' Wie toch komt, krijgt een cadeau uitgereikt ter gelegenheid van de internationale Dag van het Kind: een jeep voor de jongens, een pop voor de meisjes.
Om de buitenlandse bezoeker het gevoel geven dat de burgermoed er nog stevig inzit, worden bij het binnengaan leuzen geroepen en portretten getoond van volksleider Muammar Gaddafi. De onderwijzeres ontkent dat de kinderen gebruikt worden voor politiek. 'Ze uiten hun gevoelens.' Maar een vertaler merkt op dat de spontaniteit is georganiseerd: 'In deze wijk is misschien veertig procent voor Gaddafi, de rest zien de strijders in Benghazi als hun broeders.'

De oorlog, die er voor de pro-Gaddafi-clan vorige week positief uitzag, lijkt op een keerpunt te zijn beland. De scheurende auto's, met vaandeldragers die uit de ramen hangen, nemen in aantal af. Gejuich maakt plaats voor gevloek op de westerse machthebbers die deze ellende veroorzaakten. Het laatste initiatief, een staakt-het-vuren van het Libische leger, leed direct schipbreuk. Boven nachtelijk Tripoli klinkt het zware staccato van luchtafweergeschut. In bed wachten de inwoners met angst en beven af wat de morgen brengt.

De artikelen Iedere nacht een aanvalsgolf en Een pop en een jeep voor de kinders plus extra foto's staan in De Pers.

De foto nam ik van een getroffen mobiele raketlanceerinstallatie.

 
Labels: Midden-Oosten

0 Reacties

Plaats een reactie



Klik voor een nieuw plaatje

Nieuwsbrief







Laatste artikelen